• Honingbij op een paarse bloem
  • Bij op een roze bloem
  • Honingbij op roze klaverbloem
  • Honingbij op een roze bloem
  • Honingbij op een paarse bloem

Beschrijving van ruige hommel

Leefgebied

De ruige hommel komt voor in een groot gebied dat zich uitstrekt van West-Europa tot aan de Oeral in Rusland. Je vindt ze ook in het noorden van Turkije en in de bergen van de Kaukasus. In Noord-Europa leven ze in Scandinavië, waar ze in de loop der jaren steeds verder naar het noorden zijn getrokken. Op de Britse eilanden komen ze echter niet voor.

Europa

Binnen Europa leeft de ruige hommel vooral in de hogere berggebieden en middelgebergtes. Ze zijn te vinden in de Alpen, de Pyreneeën en de Karpaten, maar ook in de bergen van de Balkan en in Scandinavië. In deze gebieden kunnen ze tot op grote hoogte leven, soms zelfs tot boven de 2600 meter. In Duitsland komen ze bijvoorbeeld vooral voor in het Zwarte Woud en op de Schwäbische Alb.

Nederland

De ruige hommel komt van nature niet voor in Nederland. Ze zijn hier nooit waargenomen als een inheemse soort die zich voortplant. Omdat Nederland laag ligt en geen bergen heeft, ontbreekt de geschikte leefomgeving die deze hommels nodig hebben.

Habitat en biotoop

De ruige hommel voelt zich thuis in bergachtige gebieden met bossen en open weiden in de buurt. Ook plekken met veel struiken en heidevelden in de bergen zijn favoriet. In hoge bergstreken vliegen ze vaak boven de boomgrens. De nesten maken ze meestal onder de grond, bijvoorbeeld in oude muizenholen of onder lage struiken.

Herkenning

De koningin is een stevige verschijning met een lengte van 19 tot 22 millimeter en een spanwijdte van 36 tot 41 millimeter. Ze heeft een gitzwart lichaam met een opvallende oranjerode tot roodbruine achterkant. Een bijzonder kenmerk zijn haar zeer sterke kaken met kleine tandjes, die ze gebruikt om door bloemen heen te bijten.

De werksters lijken qua kleur erg op de koningin, maar ze zijn een stuk kleiner. Ze worden meestal tussen de 13 en 16 millimeter lang en de spanwijdte ligt tussen de 27 en 32 millimeter. Net als de koningin hebben ze een diepzwarte vacht met een heldere rode punt aan het einde van het lijf.

De mannetjes zijn 14 tot 16 millimeter lang en hebben een spanwijdte van 28 tot 32 millimeter. Ze zien er vaak wat rommeliger uit door de langere haren en ze hebben soms wat lichte of grijze haren op de kop en het borststuk. Het achterlijf heeft dezelfde roodoranje kleur als dat van de vrouwtjes, maar ze hebben geen angel.

De larven van deze hommels zien eruit als kleine, witte rupsjes zonder pootjes die een beetje kromgebogen liggen. Ze hebben een zachte huid en groeien in de speciale broedcellen van het nest, terwijl ze worden gevoerd met een mengsel van stuifmeel en nectar.

De pop is het stadium waarin de larve verandert in een volwassen hommel binnen een cocon van zijde. Tijdens deze fase krijgt de pop langzaam de vormen van een echte hommel, waarbij de poten en vleugels zichtbaar worden tegen het lichaam aan. In het begin is de pop wit, maar ze wordt steeds donkerder naarmate de ontwikkeling voltooid is.

Voedsel

De koningin van de ruige hommel leeft vooral van de nectar en het stuifmeel van verschillende bloemen in de bergen. Ze bezoekt graag planten zoals de monnikskap en verschillende soorten distels om energie te krijgen voor het bouwen van haar nest. Omdat ze een korte tong heeft, bijt ze soms een gaatje in de bloem om direct bij de nectar te kunnen komen zonder diep in de bloem te kruipen.

De werksters eten hetzelfde als de koningin en ze verzamelen daarnaast grote hoeveelheden stuifmeel en nectar voor het hele volk. Ze vliegen van bloem naar bloem en slaan het verzamelde voedsel op in speciale korfjes aan de achterpoten om het mee terug te nemen naar het nest. Ze voeden zich tijdens de werkvluchten voortdurend met suikerrijke nectar om sterk genoeg te blijven om te vliegen.

De mannetjes richten zich tijdens hun leven vooral op het drinken van nectar uit bloemen om fit te blijven voor het zoeken naar een vrouwtje. Ze verzamelen geen stuifmeel voor het nest, omdat ze geen taken hebben bij het verzorgen van de jongen. Ze brengen veel tijd door op bloemen die makkelijk toegankelijk zijn, zoals bepaalde composieten of kruidenplanten.

De larven eten een papje dat door de werksters en de koningin voor ze wordt klaargemaakt. Dit mengsel bestaat uit een combinatie van eiwitrijk stuifmeel en suikerrijke nectar, wat essentieel is voor de groei en ontwikkeling tot een volwassen hommel. De larven bevinden zich in eigen wascellen, waar ze dit voedsel krijgen toegediend tot ze groot genoeg zijn om te verpoppen.

Weetjes over de ruige hommel

  • Ruige hommels hebben een hele korte tong, waardoor ze niet goed bij de nectar diep in lange bloemen kunnen komen. Daarom bijten ze met de sterke kaken een gaatje in de zijkant van de bloem om de nectar direct op te zuigen.
  • Andere insecten maken daarna vaak gebruik van deze gaatjes, waardoor de ruige hommel een soort wegbereider is voor andere suikerzoekers.
  • Ze staan bekend als een behoorlijk felle soort die zich hevig verdedigt wanneer iemand te dicht bij het nest komt.
  • In de bergen vliegen ze soms zelfs nog rond terwijl het sneeuwt of als de temperatuur erg laag is, omdat ze zich goed warm kunnen houden.
  • De koninginnen worden na de winterslaap pas vrij laat in het voorjaar wakker, vaak pas in mei of zelfs juni in hoge berggebieden.

Gedrag

Koningin

De koningin komt in het late voorjaar tevoorschijn uit haar winterslaap en gaat direct op zoek naar een geschikte plek voor een nest. Ze gedraagt zich in het begin erg zelfstandig, omdat ze helemaal alleen het eerste begin van het volk moet opbouwen. Ze zoekt naar voedsel om aan te sterken en bouwt de eerste cellen van was waarin ze haar eitjes legt. Als de eerste werksters zijn geboren, blijft de koningin bijna altijd binnen in het veilige nest om alleen nog maar eitjes te leggen. Ze is een krachtige vlieger die zich niet snel laat wegjagen bij het verzamelen van de eerste voorraad.

Werksters

De werksters zijn zeer ijverig en nemen al snel alle taken buiten het nest over van de koningin. Ze vliegen de hele dag heen en weer om nectar en stuifmeel te verzamelen voor de groeiende larven. In het nest houden ze zich bezig met het schoonmaken van de cellen en het warmhouden van het broed. Ze verdedigen het nest fel tegen indringers als dat nodig is. Omdat ze korte tongen hebben, bijten ze gaatjes in bloemen om sneller bij de nectar te kunnen.

Mannetjes

De mannetjes van de ruige hommel hebben een heel ander leven dan de werksters, omdat ze niet meehelpen met de taken in het nest. Nadat ze uit hun cocon zijn gekropen, verlaten ze het nest en keren ze daar bijna nooit meer terug. Ze houden zich overdag vooral bezig met het zoeken naar een jonge koningin om mee te paren. Om vrouwtjes te lokken, vliegen ze vaak vaste routes langs opvallende punten in het landschap, zoals struiken of rotsen, waarbij ze geurstoffen achterlaten. Ze rusten regelmatig uit op bloemen om nectar te drinken, zodat ze genoeg energie houden voor hun zoektochten. Omdat ze geen angel hebben, kunnen ze niet steken en gedragen ze zich meestal erg rustig tegenover mensen en andere dieren. Aan het einde van de zomer sterven ze, nadat ze hun taak bij de voortplanting hebben vervuld.

Mobiliteit

De ruige hommel is een sterke en snelle vlieger die grote afstanden kan afleggen tussen het nest en de bloemen. Ze verplaatsen zich moeiteloos in berggebieden waar de wind vaak hard waait en de temperatuur laag kan zijn. Door hun dichte vacht en sterke spieren kunnen ze zich ook bij slecht weer nog goed verplaatsen. Jonge koninginnen vliegen in de nazomer uit om nieuwe gebieden te ontdekken en een plekje te vinden om te overwinteren. Hierdoor kunnen ze zich langzaam verspreiden over verschillende berghellingen en dalen.

Vliegtijd

De totale tijd dat je deze hommels buiten kunt zien vliegen, loopt meestal van mei tot en met september. De koninginnen verschijnen als eerste in de maanden mei of juni, afhankelijk van hoe hoog ze in de bergen leven. De werksters zie je vooral in de zomermaanden, van juni tot augustus, wanneer het volk op zijn grootst is. De mannetjes en de nieuwe jonge koninginnen komen later in het seizoen tevoorschijn en vliegen tot in de maand september. Daarna trekken de nieuwe koninginnen zich terug voor hun lange winterrust onder de grond.

Levenscyclus

De levenscyclus van de ruige hommel begint eigenlijk al in de nazomer van het jaar daarvoor, wanneer een jonge koningin wordt bevrucht door een mannetje. Ze slaat het zaad op in haar lichaam en zoekt daarna een plek in de grond om te overwinteren. Pas in het volgende voorjaar ontwaakt ze en gaat ze op zoek naar een goede plek voor haar nest, meestal in een oud muizenhol of onder boomwortels. In dit nest bouwt ze kleine kamertjes van was en legt ze de eerste acht tot vijftien eitjes. Terwijl ze deze eitjes legt, bevrucht ze deze met het opgeslagen zaad, zodat er later werksters uit kunnen komen.

Na een periode van drie tot vijf dagen komen de larven uit de eitjes en begint een periode waarin ze hard groeien. Deze fase als larve duurt ongeveer tien tot veertien dagen, waarbij de koningin ze voert met een mengsel van stuifmeel en nectar. Wanneer de larven groot genoeg zijn, spinnen ze zich in een cocon voor de popfase. Deze rustperiode duurt ook weer tien tot veertien dagen, waarna de eerste werksters uitkomen en het werk buiten het nest overnemen. De hele ontwikkeling van eitje tot volwassen hommel duurt ongeveer vier tot vijf weken.

In de zomer groeit het volk uit tot een groep van tachtig tot honderdvijftig hommels, waarbij de werksters gemiddeld drie tot zes weken leven. Aan het einde van de zomer legt de koningin onbevruchte eitjes waaruit de mannetjes komen, en bevruchte eitjes waaruit de nieuwe jonge koninginnen groeien. De mannetjes verlaten het nest om jonge koninginnen van andere nesten te bevruchten, waarna ze al snel sterven. Ook de oude koningin en haar werksters gaan in de herfst dood. Alleen de nieuw bevruchte jonge koninginnen blijven over om de winter door te komen en het volgende jaar weer een nieuwe cyclus te starten.

Predatie

De ruige hommel heeft te maken met verschillende vijanden die op ze jagen of hun nesten gebruiken. Vogels zoals de bijeneter en sommige soorten wespen vangen de volwassen hommels terwijl ze op zoek zijn naar voedsel op bloemen. In de bodem kunnen kleine zoogdieren zoals spitsmuizen de nesten ontdekken en de larven of de voorraad honing opeten. Ook zijn er insecten zoals de gewone koekoekshommel die proberen het nest binnen te dringen om hun eigen eitjes daar te leggen. De ruige hommel verdedigt zich echter heel fel tegen deze indringers door haar sterke kaken en angel te gebruiken. Ze proberen de nesten goed te verstoppen onder de grond of tussen stenen om de kans op een aanval zo klein mogelijk te maken.

Bedreiging

De ruige hommel wordt op Europees niveau momenteel niet gezien als een direct bedreigde soort en ze staat als ‘niet bedreigd’ op de internationale rode lijst. Toch maken deskundigen zich zorgen, omdat ze erg afhankelijk is van koude berggebieden die door de opwarming van de aarde kleiner worden. In sommige landen, zoals Duitsland, staat ze in bepaalde regio’s wel op de rode lijst, omdat haar leefgebied in de middelgebergtes onder druk staat. Ze hebben bloemrijke weiden nodig die niet door mensen worden veranderd of bemest om te kunnen overleven.

Nederland

In Nederland is er geen sprake van een bedreiging, omdat de ruige hommel hier simpelweg niet voorkomt.

Bescherming

Er zijn in Nederland geen speciale regels voor de bescherming van de ruige hommel, omdat deze hier niet in het wild leeft.

Bronnen

Bombus wurflenii

Taxonomie

RijkAnimalia
StamArthropoda (Geleedpotigen)
KlasseInsecta (insecten)
OrdeHymenoptera (Vliesvleugeligen)
FamilieApidae (bijen en hommels)
GeslachtBombus (hommels)

Kenmerken

Grootte koningin19-22 mm
Grootte werkster13-16 mm
Grootte mannetje14-16 mm
Spanwijdte koningin36-41 mm
Voedingnectar en stuifmeel
Vliegperiodemei tot en met september

Voortplanting

Paartijdaugustus en september
Uitkomen eitjes3-5 dagen
Larve-ontwikkeling10-14 dagen
Popfase10-14 dagen

Voorkomen in Nederland

StatusKomt niet voor in Nederland
ZeldzaamheidKomt niet voor in Nederland
BeschermingKomt niet voor in Nederland

Verspreiding

Nederland
WereldWest-Europa tot aan de bergen in Rusland en Turkije
Biotoopvoorkeurbossen en bloemrijke weiden in de bergen
Kaart met verspreiding ruige hommel in Europa
Verspreidingskaart ruige hommel
Author: Plipplap
License: CC0 1.0


Ontdek meer van Fauna & Flora

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Scroll naar boven