Beschrijving van de levendbarende hagedis
Leefgebied
De levendbarende hagedis heeft een van de grootste verspreidingsgebieden van alle terrestrische reptielen ter wereld. Deze soort komt voor van Ierland en het Cantabrisch Gebergte in het westen, tot aan de eilanden Hokkaido in Japan en Sakhalin in Rusland in het oosten. In het zuiden reikt het verspreidingsgebied tot de Povlakte in Italië, centraal en zuidelijk Servië en Bulgarije. In het noorden overschrijdt de soort zelfs de poolcirkel en bereikt gebieden tot aan de Barentszzee.
Deze enorme geografische spreiding is mogelijk dankzij de uitzonderlijke aanpassing van de soort aan koude klimaten, waarbij sommige populaties tot 350 kilometer ten noorden van de poolcirkel voorkomen en in bergachtige gebieden tot hoogtes van 2900 meter boven zeeniveau leven. De soort is dus verspreid over het volledige Euraziatische continent en komt voor in een breed scala aan klimaten en landschappen, van laagland tot alpine zones.
Europa
Binnen Europa is de levendbarende hagedis wijdverspreid en komt deze voor in vrijwel alle noordelijke en centrale regio’s. De soort is aanwezig van Ierland en Groot-Brittannië tot aan Rusland en Finland, en van Scandinavië tot de Balkanlanden.
In Centraal-Europa zijn er verschillende genetische lijnen vastgesteld, waaronder een westelijke vorm die voorkomt langs de zuidkust van de Oostzee, van Kiel in Duitsland tot Kaliningrad in Rusland. Deze westelijke vorm strekt zich uit tot het Karpatengebied en de centrale Balkan. In het zuidoosten van Europa, zoals in Servië en Bulgarije, zijn geïsoleerde populaties gevonden op grotere hoogtes. Recentelijk is de soort ook voor het eerst waargenomen in Griekenland, wat wijst op een uitbreiding van het bekende verspreidingsgebied in de Balkan.
De verspreiding binnen Europa is dus breed, maar in zuidelijke gebieden beperkt tot koelere, hooggelegen habitats.
Nederland
In Nederland komt hij vooral voor op de hogere zandgronden van Drenthe, Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant en Limburg. Daarnaast zijn er populaties in de duingebieden van Noord- en Zuid-Holland en op de Veluwe. De soort is gebonden aan open, zonnige en vochtige habitats zoals heidevelden, hoogvenen, open bossen en ruige graslanden. In Zuid-Limburg zijn geïsoleerde populaties bekend van kalkgraslanden en hellingbossen. De verspreiding is echter versnipperd en de soort staat als “gevoelig” op de Nederlandse Rode Lijst van reptielen.
Habitat en biotoop
Mondiaal gezien bewoont de levendbarende hagedis een breed scala aan habitats, variërend van vochtige graslanden en heidevelden tot bergachtige gebieden boven de boomgrens. In noordelijke en alpine regio’s leeft de soort in open landschappen met lage vegetatie, vaak nabij beekjes of moerassen. In gematigde streken prefereert hij vochtige, zonnige plekken met voldoende dekking, zoals struiken of stenen.
De soort is goed aangepast aan koude klimaten en kan overleven in gebieden met lange winters en korte zomers. In zuidelijke delen van het verspreidingsgebied, zoals Italië en de Balkan, is hij beperkt tot hoger gelegen gebieden met koelere temperaturen. Deze ecologische flexibiliteit maakt hen tot een succesvolle soort in uiteenlopende biotopen, zolang er voldoende vocht en zonlicht beschikbaar zijn.
Herkenning
De volwassen levendbarende hagedis is een relatief kleine, kortpotige hagedis met een afgeronde kop, een dikke nek en een lange staart die vaak tweemaal de lengte van het lichaam bedraagt. De lichaamslengte, gemeten van snuit tot cloaca, bedraagt doorgaans 6 tot 7 centimeter, terwijl de totale lengte inclusief staart kan oplopen tot 20 centimeter.
De huid is bedekt met kleine schubben en wordt regelmatig in stukken afgestoten. De kleur varieert sterk, van olijfgroen tot donkerbruin of grijs, vaak met lichte en donkere vlekken (ocelli) en parallelle lijnen die van de nek tot de heupen lopen. Sommige individuen vertonen geen patroon, terwijl anderen opvallende kleuren hebben, zoals oranjerode buiken bij mannetjes in de paartijd of zelfs blauwachtige tinten bij zeldzame cyanistische exemplaren. De buikzijde varieert van wit tot oranjerood, en de keel kan een blauwachtige tint hebben.
Mannetjes hebben doorgaans een bredere kop en nek dan vrouwtjes, en kunnen donkere vlekken op de buik hebben. Autotomie, het afwerpen van de staart bij gevaar, komt vaak voor; de nieuwe staart is korter en mist het oorspronkelijke patroon.
Juvenielen
De juvenielen zijn bij de geboorte opvallend donker van kleur. Ze worden vaak geboren met een bijna volledig zwarte huid, die in de eerste maanden geleidelijk verandert in een zwart-bronzen tint. Deze donkere kleur helpt hen mogelijk bij thermoregulatie in koelere klimaten. De juvenielen zijn volledig zelfstandig vanaf de geboorte en vertonen geen ouderlijke zorg.
De lichaamslengte bij de geboorte bedraagt ongeveer 3 tot 4 centimeter van snuit tot cloaca, met een relatief korte staart die later uitgroeit. De juveniele hagedissen zijn slanker dan volwassen exemplaren en hebben nog geen uitgesproken seksuele dimorfie. Naarmate ze ouder worden, beginnen de kleurpatronen en lichaamsverhoudingen zich te ontwikkelen tot die van volwassen dieren.
Voedsel
De levendbarende hagedis voedt zich voornamelijk met kleine ongewervelde dieren waar hij actief op jaagt in zijn leefgebied. het dieet bestaat uit een breed scala aan insecten en andere geleedpotigen, waaronder mieren, kevers, vliegen, spinnen, slakken en verschillende soorten sprinkhanen zoals de gewone groene sprinkhaan en de veldsprinkhaan. Deze prooien worden meestal gevangen op open plekken met lage vegetatie, waar de hagedis zich snel kan bewegen en zonlicht kan benutten voor thermoregulatie.
De soort is opportunistisch en past zijn voedselkeuze aan op basis van beschikbaarheid en seizoen. In sommige gevallen worden ook larven en rupsen gegeten, evenals kleine motten en oogstmijten. Hoewel het dieet voornamelijk dierlijk is, kunnen ze incidenteel ook plantaardig materiaal consumeren, zoals delen van paardenbloem, gras of mos, vooral wanneer dierlijk voedsel schaars is. Juveniele hagedissen eten kleinere prooien dan volwassen exemplaren, maar vertonen al vroeg dezelfde jachttechnieken.
Weetjes over de levendbarende hagedis
- In tegenstelling tot veel andere hagedissen legt deze soort geen eieren, maar baart levende jongen. Dit is een evolutionaire aanpassing aan koelere klimaten waar het uitbroeden van eieren risicovol zou zijn.
- De naam Zootoca vivipara is een combinatie van het Griekse “zoon” (dier), “tokos” (geboorte), en het Latijnse “vivus” (levend) en “parere” (voortbrengen), wat letterlijk betekent: “het dier dat levende jongen voortbrengt”.
- Deze hagedis kan zijn staart afwerpen (autotomie) wanneer hij wordt aangevallen. De afgeworpen staart blijft bewegen om de aandacht van de predator af te leiden, terwijl de hagedis ontsnapt. De nieuwe staart groeit terug, maar is korter en mist het oorspronkelijke patroon.
- Er zijn meldingen van zeldzame kleurvariaties binnen de soort, zoals hypomelanisme (pastelkleuring), hypermelanisme (volledig zwart) en zelfs cyanisme, waarbij individuen een opvallende blauwe kleur vertonen. Een blauw exemplaar werd in juni 2020 gefotografeerd in Bedfordshire, Engeland.
- De levendbarende hagedis is een van de weinige reptielen die tot ver boven de poolcirkel voorkomt. Hij is aangepast aan koude klimaten en kan actief blijven bij temperaturen waarbij andere reptielen inactief zouden zijn.
Gedrag
Volwassen exemplaren vertonen een uitgesproken dagactief gedrag en zijn sterk afhankelijk van zonlicht om hun lichaamstemperatuur te reguleren. Ze brengen veel tijd door met zonnebaden op open plekken zoals boomstronken, stenen of lage vegetatie. Dit gedrag is essentieel voor hun spijsvertering, voortplanting en algemene activiteit. Wanneer de temperatuur daalt of het weer verslechtert, trekken ze zich terug in beschutte schuilplaatsen zoals onder bladeren, boomwortels of in holtes.
Tijdens de paartijd worden mannetjes territoriaal en vertonen ze agressief gedrag tegenover rivalen, waarbij ze hun kop en lichaam oprichten en soms vechten. Buiten de voortplantingsperiode zijn ze minder territoriaal en kunnen meerdere individuen in hetzelfde gebied voorkomen.
De soort is schuw en vlucht snel bij verstoring, waarbij ze vaak hun staart afwerpen als afleidingsmanoeuvre. In koudere klimaten vertonen ze een seizoensgebonden winterslaap, waarbij ze zich in oktober terugtrekken en pas in maart of april weer actief worden.
Juvenielen
Juveniele levendbarende hagedissen vertonen vanaf hun geboorte zelfstandig gedrag en zijn direct actief in hun omgeving. Ze zoeken zonlicht op om hun lichaamstemperatuur te verhogen en beginnen vrijwel onmiddellijk met het jagen op kleine prooien zoals springstaarten en bladluizen.
Hun gedrag is grotendeels solitair, hoewel er incidenteel sociale interacties zijn waargenomen tussen juvenielen en volwassen vrouwtjes. In een veldobservatie in Denemarken werd een juveniel samen met een volwassen vrouwtje gedurende 39 minuten op een paal gezien, waarbij ze dicht bij elkaar bleven en regelmatig tongbewegingen maakten. Dit gedrag suggereert dat er in sommige omstandigheden tolerantie of zelfs rudimentaire sociale interactie kan bestaan tussen generaties.
Juvenielen zijn bijzonder kwetsbaar voor predatie en verstoppen zich vaak in dichte vegetatie of onder stenen. Ze vertonen snelle reflexen en zijn zeer alert, wat hun overlevingskansen vergroot in de eerste weken na geboorte.
Voortplanting
De voortplanting van de levendbarende hagedis begint in het voorjaar, wanneer de volwassen dieren wakker worden uit hun winterslaap. Mannetjes gaan dan op zoek naar vrouwtjes om mee te paren. Ze zijn in deze periode vaak druk en proberen indruk te maken door dicht in de buurt van een vrouwtje te blijven. Soms vechten ze met andere mannetjes om een partner.
Na de paring groeien de jongen in het lichaam van het vrouwtje. In plaats van eieren te leggen, zoals veel andere hagedissen doen, worden de jongen levend geboren. Dit gebeurt meestal in de zomer. De jongen worden ook wel “witjes” genoemd, omdat ze bij de geboorte nog een dun wit vliesje om zich heen hebben. Dat vliesje verdwijnt snel, waarna ze zelfstandig verder leven. De moeder zorgt niet voor de jongen, maar ze zijn meteen actief en gaan zelf op zoek naar voedsel en zonlicht.
Eieren
In sommige gebieden, zoals delen van Frankrijk, zijn er ook hagedissen van dezelfde soort die wel eieren leggen. Die eieren komen dan buiten het lichaam van het vrouwtje uit. Dat gebeurt vooral in warmere streken, waar de zon genoeg warmte geeft om de eieren goed te laten ontwikkelen.
Juvenielen
De jonge hagedissen, ook wel juvenielen genoemd, zijn klein maar volledig ontwikkeld. Ze kunnen zich goed verstoppen en zijn snel, waardoor ze aan roofdieren kunnen ontsnappen. Ze groeien langzaam en hebben een paar jaar nodig om volwassen te worden.
Volwassen dieren zijn meestal tussen de vijf en zes jaar oud, maar in veilige omstandigheden kunnen ze wel twaalf jaar worden. In het wild halen ze die leeftijd zelden, omdat ze vaak worden opgegeten door vogels, zoogdieren of andere roofdieren.
Predatie
Predatie bij de levendbarende hagedis komt vaak voor en speelt een belangrijke rol in hun leven in het wild. Deze hagedissen worden opgejaagd door verschillende soorten roofdieren, waaronder vogels, zoogdieren, amfibieën en zelfs andere reptielen. In Engeland is bijvoorbeeld waargenomen dat de muurhagedis een volwassen levendbarende hagedis heeft gevangen en opgegeten. Dit is bijzonder, omdat het laat zien dat zelfs andere hagedissoorten roofdieren kunnen zijn.
Jonge hagedissen zijn extra kwetsbaar. Omdat ze klein zijn en nog weinig ervaring hebben, worden ze vaak het slachtoffer van roofvogels zoals de torenvalk, maar ook van zoogdieren zoals wezels en egels. In vochtige graslanden en bosranden, waar deze hagedissen vaak leven, zijn er veel plekken waar roofdieren zich kunnen verstoppen. De hagedissen proberen zich te beschermen door snel weg te rennen, zich te verstoppen onder bladeren of stenen, en soms laten ze zelfs hun staart los om te ontsnappen. Die staart groeit later weer terug, maar het kost veel energie.
In sommige gebieden zijn ook amfibieën zoals grote kikkers en salamanders waargenomen die jonge hagedissen proberen te vangen. Daarnaast zijn er meldingen van predatie door grotere insecten zoals roofkevers, vooral bij pasgeboren jongen. De overlevingskansen van jonge hagedissen zijn dus laag, en slechts een klein deel haalt de volwassen leeftijd.
Bedreiging
De levendbarende hagedis wordt op Europees niveau niet als ernstig bedreigd beschouwd. Volgens de IUCN-status is de soort geclassificeerd als “Least Concern”, wat betekent dat hij op lange termijn levensvatbaar is en zich goed weet te handhaven binnen zijn natuurlijke verspreidingsgebied. De soort komt voor in een breed scala aan habitats, van Ierland tot Japan, en heeft zich aangepast aan zowel koude als gematigde klimaten. Toch zijn er in bepaalde regio’s zorgen over de kwaliteit van het leefgebied en de versnippering van populaties, vooral in gebieden waar landbouw en verstedelijking toenemen.
In Nederland is de situatie minder geruststellend. Hoewel hij nog steeds het meest verspreide reptiel is in het land, laat de soort al decennialang een duidelijke achteruitgang zien. Sinds 1994 zijn de aantallen met ongeveer zestig procent afgenomen. In 2007 werd de soort opgenomen op de Rode Lijst met de status “gevoelig”. Die status betekent dat de soort niet direct met uitsterven wordt bedreigd, maar dat ze kwetsbaar is voor veranderingen in het landschap en het klimaat.
De grootste problemen zijn verdroging van leefgebieden, stikstofneerslag, afname van insecten en versnippering van het cultuurlandschap. Kleine populaties in agrarische gebieden worden steeds meer teruggedrongen tot natuurgebieden zoals heide en veen. In de afgelopen tien jaar is de trend weliswaar stabiel gebleven, maar de leefgebieden zijn beperkt en gevoelig voor verstoring.
Bescherming
In Nederland is de levendbarende hagedis wettelijk beschermd en valt deze onder de Wet natuurbescherming. Dit betekent dat het verboden is om deze soort opzettelijk te vangen, te doden of te verstoren, en dat zijn leefgebied niet mag worden beschadigd. De soort staat sinds 2007 op de Nederlandse Rode Lijst met de status “gevoelig”, wat aangeeft dat ze kwetsbaar is voor veranderingen in het landschap en het klimaat. Hoewel ze nog relatief veel voorkomt in natuurgebieden zoals heidevelden, veengebieden en open bossen, is haar verspreiding in agrarische gebieden sterk afgenomen. Verdroging, stikstofneerslag en versnippering van het landschap zijn belangrijke oorzaken van deze achteruitgang.
Om de soort beter te beschermen, zijn er verschillende maatregelen voorgesteld en deels uitgevoerd. Provincies spelen hierin een belangrijke rol, bijvoorbeeld door het verbeteren van leefgebieden en het verbinden van versnipperde populaties via ecologische verbindingszones. Ook wordt er gewerkt aan het herstel van vochtige natuurgebieden, zodat de hagedis voldoende zonplekken en schuilplaatsen heeft.
Bronnen
- Kupriyanova, L., Kirschey, T., & Böhme, W. (2017). Distribution of the Common or Viviparous Lizard, Zootoca vivipara (Lichtenstein, 1823) in Central Europe and Re-colonization of the Baltic Sea Basin: New Karyological Evidence. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.lacerta.de/AF/Bibliografie/BIB_11995.pdf
- Strachinis, I., Karagianni, K. M., Stanchev, M., & Stanchev, N. (2019). No one ever noticed: First report of Zootoca vivipara (Lichtenstein, 1823) in Greece. Herpetology Notes, 12, 53–56. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.academia.edu/67626062/No_one_ever_noticed_First_report_of_Zootoca_vivipara_Lichtenstein_1823_in_Greece
- Stichting RAVON. (z.d.). Levendbarende hagedis – Zootoca vivipara. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.ravon.nl/Soorten/Soortinformatie/levendbarende-hagedis
- Baldwin, M. (z.d.). Common lizard – Wildlife Online. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.wildlifeonline.me.uk/animals/species/common-viviparous-lizard
- Reptile Forums UK. (z.d.). Viviparous Lizard Care Sheet. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.reptileforums.co.uk/threads/viviparous-lizard-care-sheet.316853
- Woodland Trust. (z.d.). Common Lizard (Zootoca vivipara). Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.woodlandtrust.org.uk/trees-woods-and-wildlife/animals/reptiles-and-amphibians/common-lizard/
- Jørgensen, J. (2022). Sociale interacties tussen vrouwelijke en juvenile Zootoca vivipara. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.academia.edu/81141630/Social_interactions_between_female_and_juvenile_Zootoca_vivipara
- Surget-Groba, Y., Heulin, B., Guillaume, C.-P., Puky, M., Semenov, D., Orlova, V., Kupriyanova, L., Ghira, I., & Smajda, B. (2006). Multiple origins of viviparity, or reversal from viviparity to oviparity? Biological Journal of the Linnean Society, 87(1), 1–11. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.academia.edu/7500737/Multiple_origins_of_viviparity_or_reversal_from_viviparity_to_oviparity_The_European_common_lizard_Zootoca_vivipara_Lacertidae_and_the_evolution_of_parity_EVOLUTION_OF_VIVIPARITY_IN_THE_COMMON_LIZARD
- Thomas, O., Allain, S. J. R., & Sagar, P. (2020). Predation and ingestion of a viviparous lizard (Zootoca vivipara) by the common wall lizard (Podarcis muralis) in England. Herpetological Bulletin, (152), 44. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://kclpure.kcl.ac.uk/portal/en/publications/predation-and-ingestion-of-a-viviparous-lizard-zootoca-vivipara-b
- Geraeds, R. (2020). De achteruitgang van de levendbarende hagedis in het cultuurlandschap. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://natuurtijdschriften.nl/pub/1000526/RAVON2020022002004.pdf
- European Environment Agency. (2018). Common lizard – Zootoca vivipara – Europa. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://eunis.eea.europa.eu/species/241560
- Naturalis Biodiversity Center. (2025). Zootoca vivipara (Lichtenstein, 1823) | Bioportal. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://bioportal.naturalis.nl/taxon/Zootoca_vivipara?language=en
- BIJ12. (2017). Kennisdocument Levendbarende Hagedis. Geraadpleegd op 30 augustus 2025, van https://www.bij12.nl/kennisdocumenten/kennisdocument-levendbarende-hagedis/
Zootoca vivipara | |
Taxonomie | |
|---|---|
| Rijk | Animalia |
| Stam | Chordata |
| Klasse | Reptilia (Reptielen) |
| Orde | Squamata (Schubreptielen) |
| Familie | Lacertidae (Echte hagedissen) |
| Synoniem | Kleine hagedis |
Kenmerken | |
| Kop-staartlengte | 15-18 cm |
| Staartlengte | 1,4 tot 2 keer de kop-romplengte |
| Kleur | Bruin tot grijsbruin, soms met een groene of bronskleurige glans |
| Gewicht | 2-5 cm |
| Groep/solitair | Solitair |
| Voeding | Kleine ongewervelden |
Voortplanting | |
| Broedinterval | Jaarlijks |
| Paartijd | April en mei |
| Aantal legsels | 1 legsel per jaar |
| Worpgrootte | 3-8, gemiddeld 5,6 |
| Draagtijd | 10 weken |
| Geboortelengte | 4 cm |
| Geslachtsrijp | 2 jaar |
| Levensduur | In het wild 5-6 jaar |
Voorkomen in Nederland | |
| Voorkomen | Oorspronkelijk |
| Zeldzaamheid | Zeldzaam |
| Rode lijst | Gevoelig |
Verspreiding | |
| Nederland | Op zandgronden in het oosten, zuiden en midden van het land, delen van Zeeland en op Terschelling |
| Wereld | Europa, Afrika, Azië |
| Biotoopvoorkeur | Vochtige, dichtbegroeide gebieden |
![]() Verspreidingskaart levendbarende hagedis | |
Voorkomen wereldwijd | |
![]() Author: SanoAKLicense: CC BY-SA 3.0 | |
Ontdek meer van Fauna & Flora
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.








