Woordenlijst index
- Zuidlimburgs district
Het Zuidlimburgs district is een in de Nederlandse classificatie gebruikt floradistrict. Dit district komt ongeveer overeen met het Limburgse heuvelland.
Het gebied omvat een aantal met löss bedekte plateaus, van elkaar gescheiden door beekdalen. Hier en daar dagzoomt Limburgse mergel, en ook in diverse, al dan niet verlaten, groeven is dit te vinden. Hierdoor vindt men er kalkgraslanden. De soorten die daar voorkomen zijn gedeeltelijk uniek voor Nederland, en ook de bosflora, vooral van de hellingbossen, zoals bronbossen, is voor Nederland uniek. Daarnaast kan de zinkflora worden genoemd.
Bron: Zuidlimburgs district. (2023, mei 11). Wikipedia, de vrije encyclopedie. Opgehaald 18:15, november 16, 2023 van https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Zuidlimburgs_district&oldid=64287770.
- Zwamvlok
De zwamvlok of het mycelium is het netwerk van alle draden van een schimmel. De schimmeldraden worden ook wel hyfen genoemd. Meestal zit de zwamvlok onder de grond. Bij parasitaire plantenschimmels zoals grauwe schimmel, en meeldauw zitten de schimmeldraden in de waardplant zelf, vooral tussen de cellen van de gastheer.
De zwamvlok groeit soms uit tot een ringvorm, de zogenaamde heksenkring. Dit gebeurt als het mycelium zich naar buiten toe uitbreidt en de oudere schimmeldraden aan de binnenkant afsterven, bijvoorbeeld door autolyse.
Bron: Zwamvlok. (2020, oktober 14). Wikipedia, de vrije encyclopedie. Opgehaald 08:36, mei 01, 2021 van https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Zwamvlok&oldid=57327520.
- Zygodactyl
Zygodactyl is een configuratie van de poten van bepaalde dieren waarbij de tenen of vingers paarsgewijs tegenover elkaar staan. De meeste dieren hebben tenen en vingers die een kant op staan. Sommige dieren, met name vogels, hebben de tenen zygodactyl staan, tegenover elkaar. Een ander voorbeeld zijn kameleons, een groep van boombewonende hagedissen. Deze gebruiken hun gepaarde tenen en vingers om zich aan takken te hechten.
Het komt echter het meest voor bij vogels, namelijk bij de klimmende soorten. Dit betekent dat de vogel vier tenen heeft. Twee tenen aan weerszijden van de poot, deze worden samen gebruikt. De vogel oefent hiermee grip uit op het oppervlakte waar deze op beweegt. De meeste spechten (inclusief de draaihals), papegaaien, koekoeken (inclusief de renkoekoeken) en sommige uilen hebben dit. Niet alle klimmende vogels plaatsen hun tenen in deze verhouding, er zijn uitzonderingen zoals de drieteenspecht.
Bron: Zygodactyl. (2021, mei 2). Wikipedia, de vrije encyclopedie. Opgehaald 14:17, mei 2, 2021 van https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Zygodactyl&oldid=58848128.
