Gekraagde roodstaart

  • Gekraagde roodstaart op draad tegen blauwe lucht
  • Gekraagde roodstaart op houten paal

Kenmerken en uiterlijk van de gekraagde roodstaart

Verspreiding en leefgebied wereldwijd

De gekraagde roodstaart heeft een zeer groot verspreidingsgebied dat zich uitstrekt van West‑Europa en Noordwest‑Afrika tot diep in Azië. In het oosten loopt het areaal door tot het Baikalmeer in Siberië, terwijl de zuidelijke grens ligt in Iran en Irak.

In de winter trekken de vogels naar warmere gebieden ten zuiden van de Sahara, vooral naar de savannes van Centraal‑ en West‑Afrika. Een deel van de populatie overwintert op het Arabisch Schiereiland.

Verspreiding in Europa

Tijdens het broedseizoen komt de soort vrijwel overal in Europa voor, van Spanje en Portugal tot in het hoge noorden van Scandinavië. In Zuidoost‑Europa en rond de Zwarte Zee leeft een aparte ondersoort.

Voorkomen in Nederland en België

In Nederland en België komt de gekraagde roodstaart vooral voor op zandgronden en in duingebieden. In Nederland zijn ze talrijk in de oostelijke provincies, op de Veluwe, in de Biesbosch en in de kustduinen.

In België zijn ze vooral aanwezig in de bosrijke Kempen en de Ardennen. Open polders en kleigebieden worden minder gebruikt.

Habitat en voorkeursbiotopen

De soort geeft de voorkeur aan open loofbossen met oude bomen en een relatief open ondergroei, zodat ze gemakkelijk op de bodem kunnen foerageren. Ook parken, grote tuinen en oude hoogstamboomgaarden zijn geschikt, vooral wanneer er natuurlijke boomholtes aanwezig zijn. In landelijke dorpen kunnen ze eveneens voorkomen, mits er voldoende oude bomen en open grasplekken zijn.

Herkenning en uiterlijke kenmerken

De gekraagde roodstaart (Phoenicurus phoenicurus) is een slanke, sierlijke zangvogel van ongeveer veertien centimeter lang, met een gewicht tussen twaalf en negentien gram en een vleugelspanwijdte van twintig tot vierentwintig centimeter. Het mannetje is in het broedseizoen opvallend gekleurd met een diepzwarte keel, een helderwit voorhoofd, een blauwgrijze rug en een oranjerode borst en staart die in het zonlicht fel oplichten.

Het vrouwtje heeft een rustiger verenkleed in grijsbruine tinten met een lichte, beige onderzijde, maar deelt de kenmerkende roodbruine staart die vaak ritmisch op en neer beweegt.

Jonge vogels lijken aanvankelijk op het vrouwtje, maar hebben een gevlekt, gespikkeld verenkleed dat dient als camouflage. Deze vlekken verdwijnen geleidelijk wanneer ze ouder worden.

Geluid

De zang is een kort, melancholiek klinkend lied dat begint met een hoge, fluitende toon en overgaat in een snelle reeks lagere tonen. Soms verwerken ze geluiden van andere vogels in hun zang.

De roep bij onrust klinkt als een zacht huu‑iet, vaak gevolgd door een tikkend geluid dat doet denken aan twee steentjes die tegen elkaar slaan. Tijdens het zingen kiezen ze meestal een hoge uitkijkpost, zoals een boomtop of dakrand.

Ondersoorten

Er worden twee ondersoorten onderscheiden:

  • De Phoenicurus phoenicurus phoenicurus is de meest algemene vorm, die voorkomt in vrijwel heel Europa en Siberië.
  • De Phoenicurus phoenicurus samamisicus is de oostelijke ondersoort uit de Krim, Turkije, de Kaukasus, Iran en delen van Centraal‑Azië. Het mannetje heeft vaak een opvallende witte vleugelvlek.

Voeding en foerageergedrag

In het voorjaar en de zomer bestaat het dieet voornamelijk uit insecten zoals kevers, vliegen, muggen, mieren, spinnen en kleine rupsen. Ze jagen vanaf lage uitkijkposten of vangen insecten vliegend uit de lucht. Wanneer het aanbod aan insecten afneemt, schakelen ze over op plantaardig voedsel zoals bessen van vlier, lijsterbes en rode kornoelje.

Jonge vogels krijgen vooral zachte insecten die gemakkelijk te verteren zijn. In de eerste dagen zijn de prooien klein, maar naarmate de jongen groeien, brengen de ouders grotere insecten. Pas na het uitvliegen leren de jongen zelf bessen eten.

Interessante feiten en gedragingen van de gekraagde roodstaart

  • Ze maken vrijwel altijd een trillende beweging met de staart zodra ze landen.
  • Koekoeken proberen geregeld een ei in hun nest te leggen.
  • Tijdens de trek vliegen ze vooral ’s nachts en oriënteren ze zich op de sterren.
  • Mannetjes kunnen geluiden van andere vogels imiteren.
  • In vergelijking met de zwarte roodstaart is deze soort meer gebonden aan bosrijke gebieden.
  • Ze keren vaak terug naar exact hetzelfde broedgebied.
  • De wetenschappelijke naam Phoenicurus betekent ‘roodstaart’.

Gedrag en leefwijze

De gekraagde roodstaart is een actieve, alerte vogel die vaak rechtop op een uitkijkpost zit om prooien te spotten. Het kenmerkende staarttrillen is vrijwel voortdurend zichtbaar.

Ze zijn schuw en trekken zich snel terug wanneer ze gevaar vermoeden. Mannetjes verdedigen hun territorium fel, vooral aan het begin van het broedseizoen.

Jonge vogels blijven na het uitvliegen nog enige tijd in de buurt van de ouders, die hen blijven voeren terwijl ze zelf leren jagen en schuilen.

Trekgedrag en migratieroutes

In augustus en september vertrekken de vogels uit hun Europese broedgebieden richting Centraal‑ en West‑Afrika. Ze steken daarbij de Middellandse Zee en vaak ook de Sahara over. Overdag rusten ze op veilige plekken. In april en mei keren ze terug naar het noorden. Tijdens de voorjaarstrek leggen ze vaak grote afstanden in één keer af om snel hun broedterritorium te heroveren.

Voortplanting en broedgedrag

Het broedseizoen begint in het voorjaar. Het mannetje toont zijn kleuren en zingt vanaf hoge posten om een vrouwtje te lokken. Hij wijst mogelijke nestplaatsen aan, waarbij de oranjerode staart extra opvalt.

Het nest wordt gebouwd in boomholtes, muurgaten of nestkasten en bestaat uit gras, mos en worteltjes, met een zachte binnenlaag van haren en veertjes. Het vrouwtje legt vijf tot zeven lichtblauwe eieren, die in twaalf tot veertien dagen worden uitgebroed. De jongen blijven ongeveer twee weken in het nest en worden door beide ouders gevoerd.

De gemiddelde levensduur in het wild is twee tot drie jaar, maar sommige individuen kunnen acht tot tien jaar oud worden.

Predatie en natuurlijke vijanden

Hoewel nestholtes bescherming bieden, vormen roofdieren zoals wezel, hermelijn en boommarter een risico voor eieren en jongen. Ook eksters, Vlaamse gaaien en sperwers kunnen gevaarlijk zijn.

Koekoeken leggen soms een ei in het nest, wat de eigen jongen in gevaar brengt. In dorpen en steden vormen huiskatten een extra bedreiging voor vogels die op de grond foerageren.

Bedreigingen en populatiestatus

Wereldwijd geldt de soort als niet bedreigd. Toch nemen de aantallen in delen van Europa af door verlies van geschikt leefgebied, intensieve landbouw, het verdwijnen van oude boomgaarden en het gebruik van insecticiden. Tijdens de trek ondervinden ze extra druk door woestijnvorming en extreme droogte in Afrika.

Status in Nederland

Na een sterke afname in de vorige eeuw is de populatie in Nederland de laatste jaren duidelijk toegenomen. De soort staat daarom niet op de Nederlandse Rode Lijst. De kwaliteit van bossen en de beschikbaarheid van insecten blijven belangrijke aandachtspunten.

Bescherming en wetgeving

De gekraagde roodstaart is wettelijk beschermd. Nesten en leefgebieden mogen niet worden verstoord. Beheer richt zich op het behoud van open bossen, variatie in het landschap en het creëren van nestgelegenheid, bijvoorbeeld door nestkasten op te hangen. Milieuvriendelijke landbouw zonder gifstoffen is essentieel om voldoende insecten beschikbaar te houden.

Bronnen

Phoenicurus phoenicurus

Taxonomie

RijkAnimalia (dieren)
StamChordata (chordadieren)
KlasseAves (vogels)
OrdePasseriformes (zangvogels)
FamilieMuscicapidae (vliegenvangers)
GeslachtPhoenicurus (roodstaarten)

Kenmerken

Grootte14 cm
Gewicht12-19 gram
Vleugelspanwijdte20-24 cm
Groep/solitairSolitair
Voedinginsecten, spinnen, bessen van de vlier of lijsterbes.

Voortplanting

Broedintervaljaarlijks
Broedperiodemei-juli
Aantal legsels1-2 per jaar
Plaats nestholtes van bomen, muren of in nestkastjes
Aantal eieren5-7 eieren
Afmeting eieren19×14 mm
Broedduur12-14 dagen
Uitvliegen14 dagen
Geslachtsrijpna het 1e levensjaar
Levensduur2-3 jaar

Voorkomen in Nederland

Aantal broedparen20.000-25.000 (2018-2020)
Aantal overwinteraars0
Doortrekkers10.000-50.000 (2007/08–2011/12)
Beschermingnatuurwetgeving
Rode lijst IUCNniet bedreigd
Nederlandse Rode Lijst
Kaart broedvogeldichtheid gekraagde roodstaart Nederland
Dichtheid 2013-2015
Sovon Vogelonderzoek Nederland

Voorkomen wereldwijd

Verspreidingskaart van Europa, Noord-Afrika en West-Azië
Author: gekraagde roodstaart
License: CC BY-SA 3.0
Legenda:
  __ Broedgebied
  __ Migratie  __ Niet-broedgebied

Ontdek meer van Fauna & Flora

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Scroll naar boven