Grote zilverreiger

  • Een witte reiger tussen bladeren en water.
  • Een witte reiger tussen bladeren en water.
  • Een witte reiger tussen bladeren en water.

Beschrijving van de grote zilverreiger

Leefgebied

De grote zilverreiger komt voor in tropische en gematigde klimaatzones en heeft een wereldwijd verspreidingsgebied dat zich uitstrekt over alle continenten behalve Antarctica. Hoewel deze soort vroeger voornamelijk in de zuidelijke regio’s voorkwam, is het verspreidingsgebied de afgelopen decennia aanzienlijk uitgebreid naar noordelijke gebieden. Dit is bijvoorbeeld te zien in Europa en Noord-Amerika, waar de vogel in steeds meer landen broedt.

Europa

Historisch gezien was de vogel in Europa voornamelijk te vinden in zuidelijke en oostelijke delen van het continent, met grote populaties in onder andere Oekraïne en Hongarije. Sinds 1980 is de Europese populatie echter sterk toegenomen, zowel qua aantal als qua verspreidingsgebied. De soort heeft zich uitgebreid naar het westen en noorden en broedt nu ook in landen waar het vroeger slechts een zeldzame bezoeker was, zoals Zweden, Engeland en Duitsland. In de wintermaanden is er ook een sterke toename van het aantal overwinterende vogels in West- en Midden-Europa.

Nederland en België

In Nederland en België is het tegenwoordig een bekende vogel die het hele jaar door aanwezig is. In Nederland broedt de soort sinds 1978, met de eerste broedgevallen in de Oostvaardersplassen, die sindsdien een belangrijke kolonie zijn. Naast de Oostvaardersplassen worden er ook incidentele broedgevallen waargenomen in andere grote moerasgebieden zoals De Wieden en De Onlanden.

Het aantal broedvogels is weliswaar aanzienlijk, maar het aantal overwinterende vogels is veel groter. Vele grote zilverreigers trekken in het najaar vanuit Oost-Europa naar Nederland om hier te overwinteren. Deze vogels zijn te vinden in diverse waterrijke gebieden, waaronder de Biesbosch en de rivierengebieden. In België wordt de soort eveneens steeds vaker waargenomen en zijn er broedgevallen bekend.

Ondersoorten

Er zijn vier ondersoorten bekend die verspreid over de wereld voorkomen:

  • De ondersoort Ardea alba alba is te vinden in Europa en Centraal-Azië.
  • In de Amerika’s, van Zuid-Canada tot Vuurland, leeft de ondersoort Ardea alba egretta.
  • Afrika, ten zuiden van de Sahara, is het thuis van de ondersoort Ardea alba melanorhynchos.
  • Tot slot is er de ondersoort Ardea alba modesta, die ook wel de oosterse grote zilverreiger wordt genoemd, en die voorkomt in India, Zuidoost-Azië en Oceanië. Deze ondersoort wordt door sommige wetenschappers als een aparte soort beschouwd.

Biotoop en habitat

De grote zilverreiger leeft over de hele wereld in gebieden met veel water. De habitat en biotoop bestaan uit zowel zoet- als zoutwateromgevingen. Hij is te vinden in moerassen, bij rivieren, langs meren en vijvers, en in kustgebieden. Het is een vogel die zich goed aanpast en je kunt hem zelfs in weilanden en op landbouwgrond zien, vooral wanneer er voldoende voedsel beschikbaar is.

Deze reiger jaagt graag in ondiep water en op modderige oevers, waar hij zich heel langzaam beweegt of stilstaat om een prooi te vangen. Hij kiest zijn leefgebied op basis van de beschikbaarheid van voedsel, zoals vis en kikkers.

Herkenning

Het is een indrukwekkende vogel met een volledig wit verenkleed. De snavel is lang en scherp, geel van kleur, en wordt tijdens de broedtijd oranje. De poten en tenen zijn lang en zwart. Tijdens het broedseizoen ontwikkelen zich lange, fijne sierveren op de rug, die een bijzonder elegante uitstraling geven.

Het is een van de grootste reigerachtigen, met een grootte van 85 tot 104 centimeter en een gewicht van 900 tot 1500 gram. Het opvallendste kenmerk van de vogel is de lange, S-vormige nek die hij tijdens het vliegen intrekt, wat een typisch kenmerk is van reigers. De lange, slanke nek is een essentieel hulpmiddel bij het jagen. De vleugelspanwijdte varieert doorgaans van 131 tot 170 centimeter, waardoor de vogel een sierlijke verschijning is in de lucht.

Geluid

Het geluid is niet zo uitgesproken als dat van andere reigersoorten. De vogel is buiten de broedtijd meestal stil. Als hij geluid maakt, is het een laag, krassend geluid. De roep wordt vaak omschreven als een diepe, raspende “kraak” of “ark“, wat vooral te horen is bij verstoring van de vogel of tijdens de balts. Hij laat dit geluid ook horen als hij zich bedreigd voelt of als hij communiceert met soortgenoten, bijvoorbeeld wanneer hij zijn nest verdedigt.

Weetjes over de grote zilverreiger

  • De sierlijke witte veren waren aan het einde van de negentiende eeuw zeer in trek als versiering voor dameshoeden. De jacht op de vogel was zo intensief dat de soort bijna uitstierf, wat leidde tot de oprichting van natuurbeschermingsorganisaties zoals de Audubon Society in de Verenigde Staten om de vogels te beschermen.
  • Grote zilverreigers jagen niet alleen door in ondiep water te staan en op prooien te wachten. Ze kunnen ook over het water zweven om naar prooien te zoeken of zelfs zwemmen om vis te vangen.
  • In tegenstelling tot veel andere vogels trekken ze hun nek in de vorm van een S in tijdens het vliegen, wat een kenmerk is van de reigerfamilie. Dit onderscheidt hen in vlucht van bijvoorbeeld ooievaars en kraanvogels.

Voedsel

De grote zilverreiger heeft een zeer gevarieerd dieet dat voornamelijk bestaat uit waterdieren, maar de vogel jaagt ook op land. De belangrijkste voedselbron is vis, die de vogel met zijn lange, scherpe snavel vangt. Hierbij heeft hij een voorkeur voor kleinere vissen, zoals de driedoornige stekelbaars, baars en voorn.

Naast vis jaagt hij ook op amfibieën, waaronder kikkers en salamanders. Ook kleine reptielen en zoogdieren, zoals muizen en woelmuizen, staan op het menu. De vogel eet ook verschillende soorten ongewervelde dieren, zoals rivierkreeftjes, insecten en waterinsecten, die hij vangt terwijl hij door het ondiepe water waadt. Soms wordt de vogel ook waargenomen bij het vangen van kleine vogels.

Gedrag

Het gedrag wordt voornamelijk gekenmerkt door zijn jachttechnieken en sociale interacties. De vogel is een meester in het stil wachten en staat vaak roerloos in ondiep water of op een modderige oever, wachtend op een prooi. Ze jagen alleen en vangen hun voedsel met een bliksemsnelle stoot met hun scherpe snavel.

Ondanks dat ze solitair jagen, vormen grote zilverreigers tijdens het broedseizoen grote kolonies, waar ze nestelen in bomen en struiken. Buiten het broedseizoen leven ze meestal solitair.

Vogeltrek

De vogeltrek is afhankelijk van de geografische locatie. Populaties die in warmere klimaten leven, zijn meestal standvogels die het hele jaar door in hetzelfde gebied blijven.

Populaties in de meer noordelijke, gematigde gebieden zijn trekvogels. Ze trekken dan in het najaar naar warmere streken om de koude winter te ontlopen. Ze migreren van hun broedgebieden naar gebieden met ondiepe, ijsvrije wateren waar ze voedsel kunnen vinden. Veel populaties uit Oost- en Midden-Europa trekken bijvoorbeeld naar West-Europa, waar ze in steeds grotere aantallen overwinteren.

Voortplanting

De voortplanting begint met een uitgebreide balts. De mannetjes kiezen een nestlocatie en beginnen met de bouw van een platform van takken en twijgen. Vervolgens lokken ze een vrouwtje met een indrukwekkende balts die bestaat uit een reeks van meer dan zestien verschillende vertoningen. Zo voert het mannetje vaak een soort “pluimdisplay” uit, waarbij hij de sierveren spreidt, de nek kromt en de snavel omhoog richt. Daarbij maakt hij soms korte sprongen of vleugelbewegingen om zijn vitaliteit te tonen. Ook vocale signalen spelen een rol: hoewel de grote zilverreiger buiten de kolonie meestal stil is, laat hij in de broedkolonie een rauw, krassend geluid horen dat dient om rivalen af te schrikken en vrouwtjes te lokken.

Tijdens deze periode verandert de kleur van de snavel van geel naar oranje en de kale huid rond de ogen wordt levendig groen, wat de aantrekkingskracht vergroot. De paartijd varieert per regio, maar in gematigde streken vindt deze meestal plaats in het late voorjaar.

Na het paren leggen de vrouwtjes doorgaans één tot zes bleekblauwgroene eieren in het nest. Het nest is een groot, losjes gebouwd platform van takken dat in bomen of struiken wordt gebouwd, vaak in kolonies samen met andere reiger- en lepelaarsoorten. Zowel het mannetje als het vrouwtje broedt de eieren in 23 tot 26 dagen uit.

De jongen zijn bij de geboorte bedekt met zachte, witte donsveren. Ze beginnen na ongeveer drie weken het nest te verkennen en na ongeveer zes weken beginnen ze te vliegen.

De levensduur is aanzienlijk; in het wild kunnen ze een leeftijd bereiken van meer dan twintig jaar, met een geregistreerde maximale leeftijd van 22,8 jaar.

Predatie

Als volwassen vogel heeft de grote zilverreiger weinig natuurlijke vijanden. Door zijn grootte, scherpe snavel en waakzame gedrag is hij een moeilijke prooi. De grootste bedreiging voor de soort komt van predatoren die de eieren en jonge vogels aanvallen in het nest. Roofdieren zoals wasberen, kraaien, meeuwen, uilen en haviken kunnen de nesten binnendringen en eieren of kuikens stelen. Soms worden de vogels ook het slachtoffer van grotere roofvogels, maar dit is zeldzaam.

Bedreiging

De soort wordt wereldwijd niet als bedreigd beschouwd. De Internationale Unie voor Natuurbescherming (IUCN) classificeert ze als “niet bedreigd” (Least Concern). De totale wereldpopulatie wordt geschat op een groot aantal individuen en is over het algemeen stabiel of zelfs aan het toenemen. Deze vogel heeft een zeer breed verspreidingsgebied en past zich goed aan aan verschillende habitats. De populatie herstelde zich sterk nadat de jacht op de vogel voor de mode-industrie in de late 19e en vroege 20e eeuw werd gestopt.

In Nederland is de soort eveneens niet bedreigd en staat de populatie er zelfs goed voor. De soort is in de twintigste eeuw opnieuw een broedvogel geworden in Nederland en de populatie is sindsdien sterk toegenomen. Veel grote zilverreigers trekken in de winter vanuit Oost-Europa naar Nederland, waar ze overwinteren in waterrijke gebieden. De gunstige status in Nederland is te danken aan het herstel van moerasgebieden en de verbetering van de waterkwaliteit. De soort is niet opgenomen op de Nederlandse Rode Lijst van bedreigde vogelsoorten.

Bescherming

De soort wordt beschermd door de wet en valt onder de Vogelrichtlijn van de Europese Unie. Deze bescherming richt zich op het behoud van hun leefgebieden en het voorkomen van verstoring. Hoewel er historisch gezien sprake was van intensieve jacht, heeft de vogel zich dankzij de beschermingsmaatregelen en het herstel van moerasgebieden en een betere waterkwaliteit goed kunnen herstellen.

Bronnen

Ardea alba

Taxonomie

RijkAnimalia (Dieren)
StamChordata (Chordadieren)
KlasseAves (Vogels)
OrdePelecaniformes (Roeipotigen)
FamilieArdeidae (reigers)
GeslachtArdea

Kenmerken

Grootte84-104 cm
Gewicht900-1500 gram
Vleugelspanwijdte131-170 cm
Groep/solitairJagen, nestelen in groepen
VoedingVis, kikkers, insecten, kleine zoogdieren en vogels

Voortplanting

BroedintervalJaarlijks
Aantal eieren3-5 eieren
Plaats nestIn bomen en struiken, vaak boven water en in kolonies
Grootte eieren60 x 40 mm
BroedperiodeApril tot juni
Broedduur23 tot 26 dagen
Aantal legselsEén legsel
Uitvliegen6 weken
Geslachtsrijp2 jaar oud
Levensduur20 jaar

Voorkomen in Nederland

Aantal broedparen650-700 (2024)
Aantal overwinteraars8100-16.500 (2016/17-2020/21)
Doortrekkers9600-18.600, okt (2016/17-2020/21)
BeschermingWet natuurbescherming, CITES, Vogelrichtlijn
Rode lijst IUCNNiet bedreigd
Nederlandse Rode LijstNiet vermeld
Verspreidingskaart van de Grote Zilverreiger in Nederland.
Sovon Vogelonderzoek Nederland
Verspreiding 2023

Voorkomen wereldwijd

mondiale verspreiding grote zilverreiger
Author: Alexander Kürthy
License: CC BY-SA 3.0
Legenda:
  __ Broedgebied
  __ Permanent leefgebied  __ Niet-broedgebied


Ontdek meer van Fauna & Flora

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Scroll naar boven