• Geelzwam tussen bladeren en mos
  • Paddestoel op de grond tussen bladeren
  • Een paddenstoel tussen herfstbladeren en mos.
  • Paddestoel op de grond tussen bladeren

Beschrijving van de dennenvlamhoed

Verspreiding

Mondiaal

De dennenvlamhoed is een paddenstoel die vooral voorkomt op het noordelijk halfrond. Het is een van de meest algemene soorten binnen zijn geslacht. In Noord-Amerika groeit hij van kust tot kust, vooral in bosrijke gebieden zoals het Pacifische Noordwesten, het noordoosten van de Verenigde Staten en het zuidoosten van Canada. Ook in Azië is hij wijdverspreid, met vondsten in Rusland en het noorden van Japan. Onlangs is de soort voor het eerst gemeld in Pakistan. Dankzij zijn brede aanpassingsvermogen verschijnt hij overal waar bossen met veel rottend hout aanwezig zijn, vaak in grote aantallen.

Europa

In Europa is het een inheemse soort die in veel landen voorkomt. Zijn verspreiding loopt van Scandinavië tot de Middellandse Zee. Vooral in Centraal-Europa, zoals Duitsland, is hij veel te vinden. Ook in Groot-Brittannië en Ierland is hij algemeen. De soort groeit vooral in laaggelegen gebieden en wordt zelden aangetroffen boven de vijfhonderd meter hoogte.

Nederland

In Nederland is de dennenvlamhoed zeer algemeen en wijdverspreid. Hij staat niet op de rode lijst en wordt dus niet bedreigd. De paddenstoel verschijnt van de vroege zomer tot in de late herfst, met de meeste meldingen tussen augustus en november.

Habitat en biotoop

De soort leeft van dood organisch materiaal en helpt zo bij het afbreken van hout tot voedingsstoffen voor de bodem. Hij groeit vooral in naaldbossen, op resten van dennen en sparren. Typische groeiplekken zijn rottende stronken, takken, stammen, dennenappels en ander naaldhout. Soms verschijnt hij ook op zaagsel of houtsnippers in tuinen. Hoewel hij een voorkeur heeft voor naaldhout, kan hij af en toe ook op loofhout worden gevonden. De soort gedijt goed in vochtige omstandigheden, maar kan ook voorkomen op droge, voedselarme grond. Vaak groeit hij in bundels of grote groepen.

Zichtbaarheid

De eerste vruchtlichamen verschijnen meestal in de zomer, vaak al vanaf juli of augustus. Het precieze begin hangt af van de lokale weersomstandigheden en de hoeveelheid neerslag. De soort bereikt zijn hoogtepunt in september en oktober, wanneer hij in grote aantallen optreedt. De verschijningsperiode loopt doorgaans door tot in november, totdat de eerste strenge vorst de groei stopt. Daarmee is de dennenvlamhoed een typische paddenstoel van de late zomer en het herfstseizoen.

Herkenning

Hoed

De hoed begint halfbolvormig tot bolvormig en wordt later gewelfd of bijna vlak. Hij heeft meestal een breedte van twee tot negen centimeter. Het oppervlak is glad en kaal, maar jonge exemplaren kunnen fijne roestbruine vezeltjes of vlokjes vertonen, vooral langs de rand. De kleur varieert van oranjebruin tot roodbruin, waarbij het midden vaak donkerder is dan de lichtere rand, die soms goudgeel kan zijn. Het vlees is geelachtig tot oranjegeel en vezelig van structuur. De geur wordt vaak omschreven als kruidig, zoet of fruitig, soms zelfs met een vleugje sinaasappel. De smaak is duidelijk bitter en vormt een belangrijk kenmerk voor herkenning.

Lamellen

Onder de hoed bevinden zich lamellen die dicht opeen staan. In eerste instantie zijn ze helder geel, maar naarmate de sporen rijpen, verkleuren ze naar roest- of kaneelbruin. Dit komt overeen met de kleur van de sporenmassa. De lamellen zijn recht en volledig aan de steel gehecht.

Steel

De steel is cilindrisch en aan de basis vaak iets verdikt. Hij is drie tot acht centimeter lang en twee tot tien millimeter dik. De kleur varieert van geel tot geelbruin, waarbij het onderste deel vaak donkerder en roestbruin is. De structuur is vezelig en het oppervlak is bedekt met fijne, witte vezels die in de lengterichting lopen. Een duidelijke ring ontbreekt, maar soms is er een vergankelijke zone zichtbaar op de plek waar bij jonge exemplaren de sluier zat. De steel kan hol of gevuld zijn.

Sporen

De sporen zijn in massa roestbruin, wat de verkleuring van de lamellen veroorzaakt. Ze zijn elliptisch van vorm en hebben een ruw, wrattig oppervlak. Hun afmetingen liggen tussen 6,5 en 10 micrometer in lengte en 4,5 tot 5,5 micrometer in breedte.

Weetjes over de dennenvlamhoed

  • De dennenvlamhoed is een zogeheten saprobiont, wat betekent dat de schimmel een essentiële rol speelt in het ecosysteem van naaldbossen door dood hout, zoals dennen- en sparrenstronken en -takken, af te breken en zo voedingsstoffen terug te geven aan de bodem.
  • De soort kan soms worden gevonden op delen van bomen die al lang geleden zijn omgevallen, waarbij het mycelium zich diep in het rottende hout bevindt, wat getuigt van een sterke houtafbrekende werking.
  • De gele tot oranjegele kleur van het vruchtvlees en de hoed komt van carotenoïden, pigmenten die ook in veel planten voorkomen en die de paddenstoel zijn kenmerkende ‘vlammende’ uiterlijk geven.
  • De intense, bittere smaak van de paddenstoel is te wijten aan specifieke chemische verbindingen en dient waarschijnlijk als een afweermechanisme tegen vraat, waardoor hij ongeschikt is voor menselijke consumptie.

Bedreiging

De dennenvlamhoed wordt internationaal niet gezien als een bedreigde soort. Het is een zeer algemene paddenstoel die goed gedijt op dood naaldhout en vaak in grote aantallen voorkomt. Door zijn brede verspreiding en aanpassingsvermogen staat hij in de meeste landen niet op rode lijsten van bedreigde soorten.

Nederland

Ook in Nederland geldt het als een algemene soort. Hij komt wijdverspreid voor in naaldbossen en er zijn geen aanwijzingen dat de populaties afnemen. Daarom staat hij niet op de Nederlandse Rode Lijst voor Paddenstoelen.

Bescherming

De soort heeft in Nederland geen speciale beschermingsstatus. Zijn behoud is indirect verzekerd via het algemene natuurbeleid dat gericht is op het beschermen van bossen en hun biodiversiteit. Daarbij speelt het behoud van dood hout een belangrijke rol, omdat dit de voedingsbodem vormt voor de soort. Duurzame bosbouw en het voortbestaan van naaldbossen zijn voldoende om de populatie in stand te houden.

Bronnen

Gymnopilus penetrans

Taxonomie

RijkFungi (schimmels)
StamBasidiomycota (steeltjeszwam)
KlasseAgaricomycetes
OrdeAgaricales (plaatjeszwam)
FamilieHymenogastraceae
GeslachtGymnopilus

Herkenning

HoedHalfbolvormig, later vlak
Hoedbreedte2-9 cm
Hoed dikteEnkele mm
HoedkleurOranjebruin tot roodbruin
Hoed oppervlakGlad en kaal
Lamellendicht opeenstaand, aangehecht
SteelCilindrisch en soms iets verdikt aan de basis
Steelhoogte3-8 cm
Steeldikte2-10 mm
VleesVezelig
VleeskleurGeel tot oranjegeel
Sporen 6,5-10 x 4,5-5,5 μm
SporenkleurRoestbruin
GeurKruidig, zoetig of fruitig
SmaakIntens bitter

Verspreiding

WereldWijdverbreid op het noordelijk halfrond
EuropaGrote delen van het continent
Nederland  Wijdverspreid
NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen
Verspreiding van Gymnopilus penetrans in Nederland
Verspreidingskaart dennenvlamhoed

Bedreiging

ZeldzaamheidZeer algemeen
Rode Lijst 2008Niet vermeld

Ecologie

HabitatStronken en takken van dennen en sparren
GroeitijdVroege zomer tot late herfst

Ontdek meer van Fauna & Flora

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Scroll naar boven