Beschrijving van de beekoeverlibel
Leefgebied
Wereldwijd
De beekoeverlibel komt buiten Europa voor in grote delen van Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Daarnaast strekt het verspreidingsgebied zich uit via Centraal-Azië tot in India.
Europa
In Europa heeft de beekoeverlibel een heel ruime verspreiding. Ze komt voor in vrijwel heel Zuid-, Midden- en West-Europa. Verder naar het noorden wordt ze zeldzamer, al reikt haar leefgebied tot in delen van Zuid-Scandinavië en Groot-Brittannië.
Nederland
In Nederland is de beekoeverlibel vooral te vinden op de zandgronden in het oosten en zuiden van het land. Ze komt lokaal veel voor op de Veluwe, in Noord-Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel. In het westelijke en noordelijke klei- en veengebied is ze een zeer zeldzame verschijning.
Habitat en biotoop
Mondiaal gezien leeft de beekoeverlibel bij langzaam stromend, zuurstofrijk en vaak matig voedselarm water. Ze verkiest smalle beken, kwelzones, slootjes en spoor- of heidebeekjes. Een zonnige ligging en een goed ontwikkelde vegetatie langs de oever zijn essentieel voor de soort.
Herkenning
De beekoeverlibel is een vrij kleine oeverlibel met een lichaamslengte van ongeveer 38 tot 44 millimeter en een spanwijdte van 50 tot 56 millimeter. Het borststuk heeft lichte schouderstrepen. Volwassen mannetjes hebben een geheel lichtblauw berijpt achterlijf, terwijl de vrouwtjes en jonge mannetjes een geelbruin tot geelkleurig achterlijf hebben met twee lengtestrepen.
Larve
De larve van de beekoeverlibel is klein tot gemiddeld van formaat en bereikt een lengte van ongeveer 16 tot 20 millimeter. Ze heeft een relatief harig en compact lichaam met korte poten. Door de donkerbruine kleur en de beharing verbergt ze zich gemakkelijk in de modderige of zandige bodem van het water.
Voedsel
Wat eet de libelle?
De volwassen beekoeverlibel is een actieve jager die vliegende insecten grijpt tijdens de vlucht. Ze voedt zich voornamelijk met muggen, vliegen, kleine vlinders en andere kleine insecten. Ze positioneert zich vaak vanaf een vaste uitkijkpost bij het water om prooien op te sporen.
Wat eet de larve?
De larven van de beekoeverlibel leven op en in de bodem van het water en jagen op kleine waterdiertjes. Ze eten onder andere muggenlarven, kleine kreeftachtigen, watervlooien en kleine wormpjes. Ze bewegen zich rustig voort over de bodem en grijpen voorbijzwemmende prooien met hun uitklapbare vangmasker.
Weetjes over de beekoeverlibel
- De Nederlandse naam ‘beekoeverlibel’ verwijst direct naar de voorkeur van deze soort voor zonnige, langzaam stromende beken en kwelgebieden.
- De blauwe kleur van het mannetje is geen echt pigment, maar een berijpt stuifmeelachtig laagje dat pas na enkele dagen ontstaat als hij geslachtsrijp wordt.
- Tijdens de paring en eiafzetting blijft het mannetje vaak dicht bij het vrouwtje vliegen om andere mannetjes op afstand te houden.
- De larven kunnen zich uitstekend ingraven in de zandige bodem van de beek, waardoor ze goed beschermd zijn tegen stroomversnellingen en predatoren.
- Omdat de larven erg gevoelig zijn voor watervervuiling en verdroging, geldt de aanwezigheid van deze soort als een belangrijke indicator voor een goede waterkwaliteit.
Gedrag
Gedrag van de libelle
De volwassen beekoeverlibel vertoont erg territoriaal gedrag, waarbij de mannetjes vaste uitkijkposten op lage vegetatie of stenen langs het water bezetten. Vanaf deze plekken maken ze korte, snelle inspectievluchten om rivaliserende mannetjes te verjagen en passerende vrouwtjes op te sporen. Ze warmen zich graag op door plat op zonnige, kale plekken op de grond of op overhangende takken te rusten. Wanneer een vrouwtje het territorium binnenvliegt, grijpt het mannetje haar in de vlucht om een koppel te vormen, waarna ze samen een paringswiel vormen om te paren.
Gedrag van de larve
De larve van de beekoeverlibel is een op de bodem levende jager die een vrij verborgen en rustig bestaan leidt. Ze graaft zich gedeeltelijk in in het zand, het slijk of tussen de aanwezige plantenresten op de bodem van de beek. Met haar onopvallende schutkleur wacht ze geduldig tot een prooi dicht genoeg in de buurt komt. Zodra een prooi passeert, schiet ze haar uitklapbare vangmasker bliksemsnel uit om de prooi te grijpen.
Mobiliteit
De beekoeverlibel is een sterke en behendige vlieger, maar blijft meestal in de buurt van het water waar ze geboren is. Ze beweegt zich vooral in de directe omgeving van geschikte beken en kwelgebieden. Jonge volwassen libellen kunnen tijdens de rijpingsfase echter enkele honderden meters tot een paar kilometer rondzwerven op zoek naar nieuwe leefgebieden en voedselrijke plekken.
Vliegtijd
De vliegtijd van de beekoeverlibel loopt voornamelijk van mei tot en met september. De grootste aantallen zijn te zien in de zomermaanden juni, juli en augustus. In deze warme periode vindt de voortplanting plaats en zijn de volwassen libellen het meest actief bij zonnig en warm weer.
Levenscyclus
Eitjes
De levenscyclus begint met de eitjes, die door het vrouwtje los in het water of in de vochtige oevermodder worden afgezet, terwijl het mannetje vaak boven haar blijft vliegen. Een vrouwtje legt honderden eitjes per voortplantingsseizoen, waarna deze na enkele weken uitkomen.
Larvale fase
De larvale fase duurt doorgaans een tot twee jaar, waarin de larve ongeveer tien tot twaalf keer vervelt om te kunnen groeien. Tijdens dit onderwaterleven richt de larve zich volledig op het eten van kleine waterdiertjes en het overleven van de winter. Wanneer de larve volgroeid is, kruipt ze langs een plantenstengel uit het water om te sluipen, waarna de volwassen libelle tevoorschijn komt.
Imago
Als volwassen libelle leeft ze vervolgens ongeveer een tot twee maanden, een periode die volledig in het teken staat van jagen, rijpen en voortplanten.
Predatie
De beekoeverlibel heeft in verschillende levensfasen te maken met natuurlijke vijanden. De larven worden in het water gegeten door grotere waterinsecten, vissen en amfibieën zoals salamanders. Zodra de libellen uit het water sluipen en als volwassen dieren rondvliegen, vormen ze een belangrijke voedselbron voor vogels zoals de boomvalk, kikkers, spinnen en grotere libellensoorten.
Bedreiging
Internationaal
Op wereldschaal is de beekoeverlibel niet bedreigd. De internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN vermeldt de soort op de Rode Lijst onder de categorie ‘Niet Bedreigd’ (Least Concern). Dit komt doordat ze een heel groot verspreidingsgebied heeft en op wereldschaal over het algemeen stabiele populaties kent.
Nederland
In Nederland staat de beekoeverlibel als ‘Vrij Zeldzaam’ te boek, maar ze wordt momenteel niet als bedreigd beschouwd op de landelijke Rode Lijst. De populatie is de afgelopen decennia zelfs toegenomen door betere bescherming en herstel van beeksystemen. Lokaal blijft de soort wel kwetsbaar voor verdroging van heidebeken, vervuiling van het kwelwater en het te intensief schonen van beekbeddingen.
Bescherming in Nederland
In Nederland valt de beekoeverlibel onder de algemene wettelijke bescherming van de Omgevingswet. Er zijn geen specifieke strenge beschermingsmaatregelen voor de soort alleen nodig, maar ze profiteert enorm van natuurherstelprojecten. Het herstellen van een natuurlijke beekloop, het verbeteren van de waterkwaliteit en het vasthouden van kwelwater in natuurgebieden zorgen ervoor dat haar leefgebied behouden blijft en verder kan groeien.
Bronnen
- De Vlinderstichting. (z.d.). Beekoeverlibel – Orthetrum coerulescens. Geraadpleegd op 9 september 2026, van https://vlinderstichting.nl/libel/beekoeverlibel/
- IUCN Red List. (2014). Keeled Skimmer – Orthetrum coerulescens. Geraadpleegd op 9 september 2026, van https://www.iucnredlist.org/species/158682/140594360
- Nederlands Soortenregister. (z.d.). Beekoeverlibel – Orthetrum coerulescens. Geraadpleegd op 9 september 2026, van https://www.nederlandsesoorten.nl/linnaeus_ng/app/views/species/nsr_taxon.php?id=169754
- British Dragonfly Society. (z.d.). Keeled Skimmer – Orthetrum coerulescens. Geraadpleegd op 9 september 2026, van https://british-dragonflies.org.uk/species/keeled-skimmer/
Orthetrum coerulescens | |
Taxonomie | |
|---|---|
| Rijk | Animalia (Dieren) |
| Stam | Arthropoda (Geleedpotigen) |
| Klasse | Insecta (insecten) |
| Orde | Odonata (libellen) |
| Familie | Libellulidae (Korenbouten) |
| Geslacht | Orthetrum (Oeverlibellen) |
| Synoniemen | |
Kenmerken | |
| Lengte | 38-44 mm |
| Spanwijdte | 50-56 mm |
| Grootte larve | 16-20 mm |
Voortplanting | |
| Aantal eitjes | enkele honderden |
| Grootte eitjes | 0,5 mm |
| Ontwikkeling eitjes | 2-5 weken |
| Ontwikkeling larven | 1-2 jaar |
| Vervellingen larven | 10-12 vervellingen |
| Uitsluipen | mei-augustus |
Voorkomen in Nederland | |
| Status | inheems |
| Zeldzaamheid | vrij zeldzame soort |
| Vliegperiode | mei-september |
| Rode Lijst | thans niet bedreigd |
| Bescherming | |
![]() Verspreidingskaart beekoeverlibel © NDFF Verspreidingsatlas Libellen | |
Verspreiding | |
| Nederland | zandgronden in het oosten en zuiden |
| Europa | wijdverspreid in Zuid-, Midden- en West-Europa |
| Wereld | Europa, Noord-Afrika, Midden-Oosten, Centraal-Azië |
| Biotoopvoorkeur | Zonnige, langzaam stromende, zuurstofrijke beken en kwelzones met een zandige bodem |
Ontdek meer van Fauna & Flora
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.








