Brandnetelblindwants

  • Zwart-geel wantsje op groen blad
  • Zwart-gele wants op bloeiende groene plant

Beschrijving van de brandnetelblindwants

Leefgebied

Wereldwijd

De brandnetelblindwants komt breed verspreid voor. Ze leven voornamelijk in de gebieden die zich uitstrekken van Europa en Noord-Afrika tot aan grote delen van Azië.

Europa

In Europa is de brandnetelblindwants op heel veel plekken te vinden. Ze komen voor van het zuiden van het continent tot in Midden-Scandinavië en de Britse Eilanden.

Nederland

In Nederland is de brandnetelblindwants een heel gewone verschijning. Ze leven in het hele land en komen op vrijwel alle plekken in grote aantallen voor.

Habitat en biotoop

Deze wantsen leven op plekken waar veel brandnetels groeien. Ze voelen zich het meest thuis langs bosranden, in tuinen, parken, bermen en ruige weilanden. Ze houden van plekken met voldoende zon en een vochtige, voedselrijke bodem.

Herkenning

Imago

Een volwassen brandnetelblindwants is een klein insect van zo’n vier tot vijf millimeter lang. Het heeft een ovaal lichaam met een opvallend lichtgeel, hartvormig vlekje op de rug, dat soms meer driehoekig of afgerond is. De kleur verandert door het jaar heen: na de winter zijn ze vaak donkerbruin tot bijna zwart, terwijl ze in de zomer juist een lichter oranje of groengeel patroon vertonen.

Nimf

De nimfen zijn kleiner dan de imago’s en worden ongeveer twee tot vier millimeter lang. Ze zijn heldergroen van kleur met fijne zwarte stipjes over hun lichaam. Omdat ze nog geen volledige vleugels hebben, zien ze er ronder uit.

Voedsel

Imago

De volwassen wantsen voeden zich met plantensappen. Ze eten voornamelijk van de grote brandnetel en de kleine brandnetel. Ze gebruiken hun scherpe zuigsnavel om sappen te drinken uit de knoppen, de bloemen en de zaden van de plant.

Nimf

De nimfen hebben hetzelfde dieet als de volwassen diertjes. Ze zuigen ook plantensappen uit de grote brandnetel en de kleine brandnetel. Ze richten zich daarbij vooral op de jonge, zachte scheuten en de bloemknoppen.

Weetjes over de brandnetelblindwants

  • De kleur van de brandnetelblindwants verandert naarmate het jaar vordert. Dieren die de winter hebben overleefd, zijn vaak heel donkerbruin tot bijna zwart, terwijl de nieuwe generatie in de zomer juist lichtgroen, geel of oranje is.
  • In tegenstelling tot veel andere insecten overwinteren ze als volwassen dier. Ze verstoppen zich tijdens de koude wintermaanden onder de schors van bomen, tussen afgevallen bladeren of in groenblijvende planten zoals klimop.
  • Als de wantsen aan de bladeren van brandnetels zuigen, laten ze duidelijke sporen achter. Door hun speeksel ontstaan er kleine bruine vlekjes, gaatjes en vervormingen in het blad.
  • Op hun rug hebben ze een opvallend vlekje dat de vorm van een hartje heeft. Dit vlekje is meestal geel of geelgroen en maakt dat ze makkelijk te herkennen zijn.
  • Meestal zijn er elk jaar twee generaties. Soms is er lokaal een derde, gedeeltelijke generatie. De eerste volwassen dieren verschijnen in het voorjaar, gevolgd door de tweede generatie later in de zomer.

Gedrag

Imago

Volwassen brandnetelblindwantsen zijn overdag actief en brengen de meeste tijd door op brandnetels. Ze zonnen graag op de bovenkant van de bladeren om op te warmen. Bij gevaar reageren ze heel snel door weg te vliegen of door zich direct aan de achterkant van een blad te verschuilen. Als ze erg schrikken, laten ze zich simpelweg in de dichte vegetatie vallen om aan vijanden te ontkomen.

Nimf

De nimfen vertonen vergelijkbaar gedrag, maar ze zijn nog een stuk voorzichtiger, omdat ze niet kunnen vliegen. Ze houden zich meestal op aan de onderkant van de bladeren of tussen de jonge toppen van de plant. Bij dreiging kruipen ze snel weg naar een beschutte plek of laten ze zich dieper in de brandnetels vallen.

Mobiliteit

De mobiliteit verandert gedurende het leven van het insect. Nimfen hebben nog geen functionele vleugels en kunnen zich alleen lopend of kruipend over de plant verplaatsen. Volwassen diertjes zijn daarentegen uitstekende vliegers. Ze kunnen zich gemakkelijk over grotere afstanden verplaatsen om nieuwe brandnetels te zoeken of om een geschikte plek te vinden om te overwinteren.

Activiteitsperiode

De activiteitsperiode van de brandnetelblindwants duurt bijna het hele jaar. Omdat de volwassen dieren overwinteren, worden ze tijdens zonnige dagen in het vroege voorjaar vanaf maart al actief. De grootste piek ligt tussen mei en oktober, wanneer de nieuwe generatie volwassen wordt en zich verplaatst.

Voortplanting

De levenscyclus begint in het voorjaar wanneer de overwinterde volwassen insecten zich voortplanten.

Ei

Na de paring legt het vrouwtje tientallen eitjes in het zachte weefsel van de brandnetelstengels.

Nimf

Na ongeveer twee tot drie weken komen de eitjes uit en verschijnen de nimfen. Ze doorlopen vijf verschillende groeistadia, wat alles bij elkaar zo’n vier tot zes weken duurt. Een nimf leeft dus slechts een paar weken tot de laatste vervelling.

Imago

De volwassen dieren van de zomergeneratie leven enkele maanden, terwijl de dieren die overwinteren bijna een heel jaar oud kunnen worden. Ze besteden hun leven vooral aan eten, paren en het zoeken naar beschutting.

Predatie

Brandnetelblindwantsen hebben te maken met verschillende natuurlijke vijanden. Ze worden regelmatig gegeten door spinnen, roofwantsen en lieveheersbeestjes. Ook insectenetende vogels en kleine zangvogels jagen op ze. Daarnaast leggen sommige soorten sluipwespen hun eitjes in de eitjes of nimfen van de blindwants, waarna de larven van de wesp de blindwants van binnenuit opeten.

Bedreiging

Mondiaal gezien is de brandnetelblindwants niet bedreigd. Het is een heel algemene en succesvolle soort die in grote delen van de wereld in hoge aantallen voorkomt.

Nederland

In Nederland staat de brandnetelblindwants er uitstekend voor. De soort is niet bedreigd en staat niet op de Nederlandse Rode Lijst. Ze komen verspreid over het hele land zeer veel voor.

Bescherming

Er zijn in Nederland geen bijzondere beschermingsmaatregelen nodig voor deze soort. Omdat hun belangrijkste voedselplant, de brandnetel, op heel veel plekken groeit, heeft de brandnetelblindwants geen speciale hulp of bescherming nodig om te overleven.

Bronnen

Liocoris tripustulatus

Taxonomie

RijkAnimalia
StamArthropoda (geleedpotigen)
KlasseInsecta (insecten)
OrdeHemiptera (halfvleugeligen)
FamilieMiridae (blindwantsen)
GeslachtLiocoris

Kenmerken

Lengte imago4-5 mm
Vleugellengte4 mm
Voedselplantensappen uit de knoppen, bloemen, zaden en jonge delen van planten
Waardplantende grote brandnetel en de kleine brandnetel
Activiteits­periodehet hele jaar

Voortplanting

Paartijdapril-mei
Aantal eitjes50-100 stuks
Grootte eitjes1 mm
Duur ei-fase2-3 weken
Lengte nimf1-4 mm
Duur nimfstadium4-6 weken
Groeistadia5

Voorkomen in Nederland

Statusinheems
Zeldzaamheidalgemeen
Rode Lijstniet vermeld
Bescherminggeen

Verspreiding

Nederlandheel Nederland
Europavrijwel heel Europa
Wereldvan Europa en Noord-Afrika tot in grote delen van Azië
Biotoopvoorkeurzonnige, vochtige en voedselrijke plekken met brandnetels
Verspreidingskaart van brandnetelblindwants in Nederland
Brandnetelblindwants
EIS Verspreidingsatlas Insecten


Ontdek meer van Fauna & Flora

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Scroll naar boven