Beschrijving

De plant is 30-120 cm hoog, heeft een sterke penwortel en een sterk vertakte stengel. De 3-5 cm grote bloemhoofdjes zijn lichtblauw en bevatten alleen lintbloemen. Het hoofdje is enkel in de ochtend geopend. De vruchten zijn nootjes. Deze zijn 2-3 mm lang en hebben een schubbig pappus.

Van oorsprong komt de plant uit het Middellandse Zeegebied. In Nederland en België is de plant echter al vele eeuwen lang aanwezig en waarschijnlijk door de Romeinen meegebracht. Cichorei komt voor in wegbermen, maar ook langs dijken, in droog grasland, bij muren en op vuilnisbelten kan ze worden aangetroffen. De bloeiperiode loopt van juni t/m september.

Stengels

De rechtopstaande stengels zijn vertakt, gegroefd, dofgroen, meestal ruw behaard en bevatten melksap. Ze dragen maar weinig bladeren en zijn tot 120 cm hoog.

Bladeren

De rozetbladeren zijn langwerpig, bochtig veervormig gespleten en aan de voet steelachtig versmald. De stengelbladeren zijn langwerpig, minder ingesneden en zittend met een afgeknotte tot zwak hartvormige voet, die stengelomvattend is. Van onderen zijn de bladeren borstelig behaard. 

Bloemen

De bloemen van wilde cichorei zijn tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De bloemhoofdjes zitten in lange, zeer ijle schijnaren en op vertakkingspunten. De hoofdjes zijn 2½ tot 4½ cm groot. Ze zijn lichtblauw of heel zelden roze of wit. Alle bloemen zijn lintvormig, stralend en hebben een getande top. De bloemhoofdjesbodem is vlak en heeft geen stroschubben. De omwindselbladen hebben klierharen. De bloeitijd loopt van juni tot september.

Vruchten

De vruchten zijn tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes). De bruine zaden zijn kantig, minstens 8 keer zo lang als het kroontje van schubben en tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes). 

Weetjes

  • De volksnaam "wegenwachter" verwijst naar het gedrag van de plant om zich in grote aantallen in bermen langs (auto)wegen te verspreiden.
  • De gemalen wortels werden, vooral in de negentiende eeuw en in de periode van de Tweede Wereldoorlog, en worden nog steeds in koffiesurrogaat gebruikt vanwege het hoge gehalte aan inuline. Nu wordt cichorei weer op vrij grote schaal verbouwd voor de productie van inuline. Hiervoor zijn verschillende rassen geselecteerd die een betere wortelvorm, een hogere wortelproductie en een hoger gehalte aan inuline hebben dan de oorspronkelijk wilde cichorei.
  • De jonge cichoreibladeren hebben een licht bittere smaak en kunnen in het voorjaar worden gebruikt in salades. Ook kunnen ze gekookt worden gebruikt. Tijdens het Paasfeest werden de bladeren gegeten bij het gebraden lam. Ook de bloeistengels kunnen gekookt gebruikt worden.
  • Cichorei wordt in de volks- en plantgeneeskunde gebruikt bij maag- en leverklachten, verstoppingen en een gebrek aan eetlust.
  • Uit de plant kan een versterkings- en kalmeringsmiddel worden gemaakt in de vorm van een likkepot. Hiervoor moet één deel verse bloemen worden kleingesneden en in een vijzel worden fijngestampt. Daarna dienen drie delen suiker te worden toegevoegd totdat er een mengsel ontstaat. Dit moet in een goed afgesloten pot enige tijd in de zon worden gezet en daarna koel en donker worden bewaard.

Ecologie

Bodem

Wilde cichorei groeit op zonnige plaatsen op matig droge tot vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, kalkrijke en vaak verdichte grond (zavel, klei en puin). 

Groeiplaats

Groeiplaatsen zijn grasland (vochtig, licht bemest grasland, weiland, ruige grazige begroeiingen en uiterwaarden), bermen, wegranden (in de overgang van wegdek naar berm), rivierdijken, langs spoorwegen (spoorbermen), braakliggende grond, akkers (akkerranden) en puin. 

Etymologie

Cichorium is afgeleid van de oude Egyptische naam kehsher of chicourueh. In het Grieks werd het kikhorion en in Latijn cic(h)orium. Het Griekse kio betekent "ik kom", chorion is "veld"enintybus "ingesneden". 

Bronnen

Cichorium intybus

Taxonomie

Rijk Planten (Plantae)
Onderrijk Landplanten (Embryophyta)
Stam Vaatplanten (Tracheophyta)
Klasse Zaadplanten (Spermatofyta)
Orde Asterales
Familie Composietenfamilie (Asteraceae)
Geslacht Cichorei (Cichorium)
Groep Tweezaadlobbigen (bloemplanten) 
Synoniemen  

Herkenning

Hoogte 0,15-1,20 m
Bloemkleur Blauw
Type vrucht Eenzadige dopvrucht of noot
Kleur vrucht Onopvallend
Geslachtsverdeling Tweeslachtig

Voorkomen in Nederland

Status Niet bedreigd 
Trend sinds 1950 Onveranderd of toegenomen
Zeldzaamheid Algemene soort 
Indigeniteit Al voor 1500 ingevoerd (archeofyt) 
Herkomst Europa

Verspreiding

Nederland Vrij algemeen. Het meest in het rivierengebied. Vrij zeldzaam in het oosten en noordoosten van het land
Wereld Oorspronkelijk uit het Middellandse-Zeegebied. Nu in alle werelddelen, in gebieden met een warm of gematigd klimaat
Verspreidingskaart wilde cichoreiVerspreidingskaart wilde cichorei

Ecologie

Biotoopvoorkeur  Vochtige, bemeste graslanden
Levensduur Overblijvend
Worteldiepte  
Bloeitijd Juni - september

Zoeken