Beschrijving

De gevlekte orchis is een overblijvende geofyt. Het is een middelgrote (maximaal 60 cm) slanke plant met een massieve, min of meer brosse, naar boven toe soms holle bloemstengel. Deze orchis heeft drie tot vijf verspreid staande, afstaande en gevlekte gewone bladeren en twee tot vier schutbladachtige bladeren. De bloeiaar is dicht, meestal rijkbebloemd en kegelvormige met witachtige of lichtroze bloemen.

Stengels

De stengel is gevuld met merg en is zeer zelden bij zeer krachtige planten iets hol. De stengel is meestal rechtopstaand en bovenaan iets kantig, vaak iets rood aangelopen en tot over het midden bebladerd. Boven het midden zie je alleen of voornamelijk schutbladachtige bladen.

Bladeren

De plant heeft 6-9 bladen. Deze zijn uit een smalle voet verbreed. De onderste bladeren zijn langwerpig omgekeerd eirond en stomp tot puntig. De hogere bladeren zijn kleiner en lancet- tot lijn-lancetvormig en spits. Het blad is veelal bezet met gesloten zwartbruine vlekken. Het bovenste blad staat meestal ver onder de aar. De grotere bladeren staan schuin omhoog.

De bladen zijn van boven donkergroen (soms wat grijzig) en van onderen blauwgroen en licht glanzend. De schutbladen zijn lancetvormig, toegespitst, meestal 3-nervig, netaderig, groen of vaak rood aangelopen, langer dan het vruchtbeginsel, in de regel korter dan de bloemen.

Bloemen

De bloemen zijn tweezijdig symmetrisch en tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De aar is meestal veel- en tamelijk dichtbloemig, eerst kegelvormig, later vaak cilindrisch. 

De bloemen zijn vrij groot, meestal lichtpurper of wit met een donkerpaars honingmerk. De bovenste bloemdekbladen zijn lichtpurper of witachtig en meestal van kleine puntjes en streepjes voorzien.

  • De buitenste bloemdekbladen (sepalen) zijn meestal verlengd lancetvormig, 3-nervig en ten slotte afstaand.
  • De binnenste bloemdekbladen (petalen) zijn eirond-lancetvormig, vaak 1-nervig en korter dan de buitenste. De delen aan de zijkanten zijn weinig of helemaal niet teruggebogen. 
  • De bloemlip (labellum) is 0,7-1,1 cm en aan de voet wigvormig of afgeknot, 3-lobbig, met een roze tot donkerpurperkleurige (zelden witte) tekening. De zijlobben zijn scheef en vierhoekige. De kleinere, spitse tot uitgerande middenlob is vaak onregelmatig getand.
  • De spoor is recht of iets gekromd, cilindrisch, naar beneden gericht, meestal lichtviolet en even lang als het vruchtbeginsel. De lengte van de spoor is ongeveer 3/4 van de lengte van het vruchtbeginsel.

Vruchten

De vrucht is een doosvrucht met eenzaadlobbig zaad (kiemend met één kiemblaadje).

Weetjes

  • De gevlekte orchis verspreidt zich via stoffijn zaad. Het fijne zaad bevat geen reservevoedsel en kiemt alleen als een wortelschimmel (mycorrhiza) het zaad binnendringt.
  • Voor het overleven als plant is deze aangewezen op een symbiose met een bodemschimmel.

Ecologie

Bodem

De gevlekte orchis groeit op zonnige of soms licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot vrij natte, voedselarme, zure tot zwak zure, humeuze grond (zand, leem en mergel, soms op veen).

Groeiplaats

Groeiplaatsen zijn grasland (heischraal grasland, blauwgrasland, hooiland en zandige opduikingen in poldergrasland), bermen, langs spoorwegen, heide, moerassen (veenmosvegetaties, veentjes in de buurt van zandverstuivingen en moerassen met kwel van basenrijk water), waterkanten (langs vennen, turfgaten, sloten en greppels), tichelgaten, zeeduinen, drooggevallen zandplaten en bossen.

In Nederland is de gevlekte orchis vrij zeldzaam. Zij ontbreekt in de noordelijke kleigebieden. Vroeger behoorde de gevlekte orchis tot de algemeenste orchideeën van Nederland, maar door ontwatering, ontginning en bemesting is zij sterk afgenomen.

Bedreiging

De gevlekte orchis wordt vooral bedreigd door het verdwijnen van zijn voorkeurshabitat door drooglegging, ingebruikname door de landbouw en vermesting van vochtige biotopen.

De soort staat op de Vlaamse Rode Lijst van planten en op de lijst van wettelijk beschermde planten in België. In Nederland is hij opgenomen op de Nederlandse Rode Lijst van planten, maar sinds 1 januari 2017 niet meer wettelijk beschermd.

In Luxemburg is de soort beschermd op nationaal niveau.

Etymologie

Dactylorhiza is afgeleid van het Oudgriekse dactylus (teen of vinger) en rhiza (wortel). Het slaat op de vingervormige wortelknollen.

Bronnen

Dactylorhiza maculata

Taxonomie

Rijk Planten (Plantae)
Onderrijk Landplanten (Embryophyta)
Stam Vaatplanten (Tracheophyta)
Klasse Zaadplanten (Spermatofyta)
Orde Asparagales
Familie Orchideeënfamilie (Orchidaceae)
Geslacht Handekenskruid (Dactylorhiza)
Groep Eenzaadlobbigen

Herkenning

Hoogte 0,20-0,50 m.
Bloemkleur Lichtpaars, lichtroze, wit
Type vrucht
Kleur vrucht Doosvrucht
Geslachtsverdeling Tweeslachtig

Voorkomen in Nederland

Status Rode lijst: Gevoelig
Trend sinds 1950 Sterk achteruitgegaan (50-75%)
Zeldzaamheid Algemene soort
Indigeniteit oorspronkelijk inheems

Verspreiding

Nederland Vrij zeldzaam in het oosten en midden van het land, in Zuid-Limburg, op de Waddeneilanden en in de duinen van noordelijk Noord-Holland. Elders zeer zeldzaam.
Wereld Siberië, Zuidwest-Azië en Europa.
Verspreidingskaart gevlekte orchis

Ecologie

Biotoopvoorkeur  Blauwgraslanden
Levensduur
Worteldiepte
Bloeitijd Juni - augustus

Zoeken

Taxonomie